was er

de toekomst

Waar staan we over 25 jaar? Bestaan we hoe dan ook nog? Als persoon, als bedrijf? Geen idee, de glazen bol doet het niet, ingewanden lezen is nooit de sterkste kant van Magelaan geweest. Maar toch, we gaan proberen. Over 25 jaar kunnen we eens goed lachen...
Communicatie?
Gedrukt?
Elektronisch?
Gedrukt versus elektronisch?
Welk medium?
Verandert dat iets?
Razendsnelle evolutie?

Communicatie

Dat is de gemakkelijkste: die zal er in 2035 ook zijn. Tenzij de wereldbevolking collectief stopt met denken, spreken en schrijven. Fat chance .

 

Gedrukt?

Ook dat is een makkie: natuurlijk blijven gedrukte publicaties bestaan. Het systeem van boeken, kranten, tijdschriften, folders enzovoort is in de voorbije eeuwen dusdanig verfijnd dat we niet eens meer beseffen hoe gesofistikeerd ze wel zijn. Ze zijn handig, overal leesbaar, de prijs ervan ligt relatief laag en behalve een lichtbron heeft de lezer niks nodig. Bovendien kunnen we met grote zekerheid stellen dat in 2035 een belangrijk deel van de wereldbevolking nog (steeds) niet over de nodige elektronische apparaten zal beschikken, om nog te zwijgen over een noodzakelijke commodity als elektriciteit.

Zal het minder zijn? Waarschijnlijk. Er zullen meer elektronische publicaties komen, vooral in het Westen. Dat zal leiden tot een kleinere grafische sector, minder drukkerijen, minder papierverbruik, verdere concentratie en industrialisering van de productie, met als gevolg minder keuze voor de schrijvers en de vormgevers van publicaties. Minder prettig.

Elektronisch?

Ach, hoezeer kan het verleden vertellen wat de toekomst zal brengen! Ga naar uw digitaal archief van 1990. Oeps, diskettes. En ga nu op zoek naar een apparaat dat die kan lezen. Neen, lukt niet? Tegen 2035 kan een gewone sterveling geen enkel elektronisch document uit 2010 nog raadplegen. In 1991 verscheen Tom Lanoyes roman 'Kartonnen dozen': ik vis het zo uit mijn bibliotheek en over 25 jaar lukt dat nog altijd.

De dichotomie van de toekomst ligt niet in de tegenstelling tussen 'gedrukt' en 'elektronisch' maar tussen 'vergankelijk' en 'onvergankelijk'. Communicatie die alleen voor het hier en nu bedoeld is, zal digitaal zijn. Communicatie die op lange termijn belang heeft, gedrukt.

Ah, zeg je, en encyclopedieën dan? Compleet verdwenen. Waar zoek je zaken op? Op Wikipedia, natuurlijk. Tja, zonder al te diep op dit onderwerp in te gaan: stel dat morgen een enorme elektriciteitspanne de aardbol in duister hult en je eindwerk voor de middelbare school af moet. Waar ga je dan naartoe? Naar de bibliotheek, naar verouderde informatie in encyclopedieën die stof staan te vergaren. Het lijkt een bewijs uit het ongerijmde, maar vraag eens aan de bevolking van Port-au-Prince (of Melbourne, of Rio de Janeiro) hoe het met de invulling van hun informatienoden gesteld is?

Gedrukt versus elektronisch?

Het klinkt alsof we heimwee hebben naar de tijd waarin papier de exclusieve drager van informatie was. Nee hoor! We zijn zelfs gek op al die elektronische mogelijkheden van het web, de eBooks, het mailverkeer en het Skypen. Die maken het leven gemakkelijker en je kan er fantastische dingen mee realiseren.

Dus doet Magelaan daar met overtuiging aan mee: we willen immers communicatie maken die overal raakt. Maar we zullen nooit uit het oog verliezen dat het om een vergankelijk medium gaat, want door technologie gestuurd.

Welk medium?

Bij print is het duidelijk: papier.

Elektronisch is een andere zaak. Het vraagt weinig fantasie om in 2035 andere communicatiedragers te veronderstellen. De voorbije decennia waren dat 'bakskes' – of het nu de televisie, de computer, de smartphone of de tablet is. De 'bakskes' worden steeds kleiner (behalve de televisies, die worden steeds groter) en er wordt volop geëxperimenteerd met directe verbindingen naar onze hersens. Als we onze hersens kunnen bedotten en dingen laten 'zien' die we niet door onze ogen zien of zaken laten horen die we niet via onze oren horen, dan hebben we een volstrekt nieuw medium. Misschien krijgen we er schele hoofdpijn van, maar plots lezen we met de ogen dicht of beluisteren we met de oren toe. Lijkt ons een leuk idee.

Verandert dat iets aan de wetmatigheden van de communicatie?

Weinig. Een treffend beeld blijft langer hangen dan een kiekje. Een goed geschreven tekst draagt meer informatie over dan een gehakketakte. Een mooie en functionele vormgeving raakt dieper dan ongeïnspireerd knip-en-plakwerk.

De interactie tussen de gebruiker en het medium moet bovendien zo transparant mogelijk zijn. Kijk maar (weer) naar het verleden: denk aan de horribele websites van het begin, de elektronische nieuwsbrieven met lappen tekst, de grijs-op-grijs sms'jes, de onhandelbare gsm's, de video (!)...

Met andere woorden: er zullen nog heel wat nieuwe dragers komen, maar die ontsnappen niet aan de basisregels van de communicatie. U weet wel: zender – boodschap – ontvanger: kennis om te delen die van de ene naar de andere moet raken (en terug).

Razendsnelle evolutie?

Hoewel het lijkt alsof elektronische innovaties steeds sneller over ons heen razen, leert de praktijk toch dat elke verandering tijd nodig heeft om ingeburgerd te geraken. Dat geeft ons de speelruimte om ons aan te passen, de mogelijkheden van een nieuw medium uit te zoeken, de beste technieken te bepalen en die uit te testen om tot een werkzaam systeem te komen. Dat is positief voor een bedrijf als Magelaan: volg wat er gebeurt, bekijk de mogelijkheden en van zodra de implementatie ervan (financieel) haalbaar is: doen!

Laat maar komen die toekomst!